ECLI:NL:RBDHA:2013:CA2675
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toelating Combinatie tot inschrijvingsfase aanbesteding Kustwerk Katwijk wegens schending transparantiebeginsel
De Aanbestedende dienst organiseerde een Europese niet-openbare aanbesteding voor het project Kustwerk Katwijk, waarbij minimumeisen werden gesteld aan technische bekwaamheid, waaronder referentie-eisen 4 en 5. De Combinatie diende referentieprojecten in bij deze eisen, maar werd afgewezen omdat zij eis 4 volgens de Aanbestedende dienst verkeerd had geïnterpreteerd. De Combinatie begreep eis 4 in ruime zin als betrekking hebbend op de waterkering, terwijl de Aanbestedende dienst stelde dat deze eis alleen betrekking had op het uitwateringskanaal.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de selectieleidraad niet duidelijk maakte dat eis 4 betrekking had op het uitwateringskanaal, dat niet als hoofdonderdeel van de opdracht werd gezien. Hierdoor was het voor een redelijk geïnformeerde inschrijver aannemelijk om eis 4 in brede zin te interpreteren, wat betekent dat het transparantiebeginsel door de Aanbestedende dienst is geschonden. Hoewel het vervangen van het referentieproject niet eenvoudig hersteld kon worden, oordeelde de voorzieningenrechter dat onder de bijzondere omstandigheden de Combinatie onvoorwaardelijk moest worden toegelaten tot de inschrijvingsfase.
De voorzieningenrechter legde een dwangsom op aan de Aanbestedende dienst om de Combinatie binnen drie dagen uit te nodigen voor de inschrijvingsfase en veroordeelde de Aanbestedende dienst in de proceskosten. Dit om de voortgang van het project te waarborgen en te voorkomen dat een heraanbesteding tot hetzelfde resultaat zou leiden.
Uitkomst: De Combinatie wordt onvoorwaardelijk toegelaten tot de inschrijvingsfase van de aanbesteding met oplegging van een dwangsom aan de Aanbestedende dienst.