ECLI:NL:RBDHA:2013:CA3440
Rechtbank Den Haag
- Raadkamer
- H.A.G. Nijman
- D.A. Schreuder
- J. de Ridder
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van bezwaar tegen afwijzing getuigenverzoek na aanvang onderzoek ter terechtzitting
De rechtbank Den Haag behandelde het bezwaar van verdachte tegen een beslissing van de rechter-commissaris van 9 april 2013, waarin een verzoek tot het horen van drie getuigen werd afgewezen. Dit bezwaar werd ingediend nadat het onderzoek ter terechtzitting was begonnen, waardoor het bezwaar als bedoeld in artikel 182, zesde lid, Sv niet ontvankelijk kon worden verklaard.
De rechtbank overwoog dat de zesde afdeling van de Derde Titel Sv uitsluitend betrekking heeft op het vooronderzoek en niet van toepassing is op het onderzoek ter terechtzitting, zoals bevestigd in artikel 316 Sv Pro. Wel kunnen onderzoekswensen die na aanvang van het onderzoek ter terechtzitting in het kader van een half-open verwijzing door de rechter-commissaris zijn afgewezen, opnieuw aan de zittingsrechters worden voorgelegd.
De verdachte deed op 7 mei 2013 schriftelijk afstand van zijn recht om gehoord te worden. De rechtbank concludeerde dat de verdachte niet ontvankelijk is in zijn bezwaar en wees het bezwaar af. De beschikking is op 14 mei 2013 uitgesproken door de raadkamer van de rechtbank Den Haag.
Uitkomst: Verdachte wordt niet ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar tegen de afwijzing van het getuigenverzoek.