ECLI:NL:RBDHA:2014:14763
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning op grond van schrijnende omstandigheden wegens ontbreken mvv
Eiser, een Afghaanse nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen gedaan die allen zijn afgewezen. Na beëindiging van het categoriale beschermingsbeleid voor Afghanistan, heeft eiser in 2013 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning op grond van schrijnende omstandigheden. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiser niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en vond de aangevoerde omstandigheden onvoldoende onderscheidend.
Eiser stelde dat hij volledig ingeburgerd was, een sociaal netwerk had, psychische klachten ondervond en onjuist was geadviseerd over een pardonvergunning. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht geen vrijstelling van het mvv-vereiste heeft verleend, mede omdat eiser de pardonregeling destijds heeft afgewezen en geen beroep deed op het recht op privé-leven onder artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank stelde dat verweerder de omstandigheden in onderlinge samenhang heeft gewogen en niet buiten zijn bevoegdheid is getreden. Het beroep werd ongegrond verklaard, waarbij het ontbreken van een second opinion en het niet horen van eiser in bezwaar als niet onrechtmatig werden beoordeeld.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsvergunning op grond van schrijnende omstandigheden is ongegrond verklaard.