ECLI:NL:RBDHA:2014:16747
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning wegens medische situatie en suïcidaliteit
Eiser, van Guinese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning onder de beperking “conform beschikking staatssecretaris”, welke door verweerder werd afgewezen. Eiser leed aan ernstige chronische PTSS, depressief syndroom en chronische suïcidaliteit, wat door meerdere behandelaars werd bevestigd. De rechtbank vond dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de medische situatie van eiser en benoemde een onafhankelijke psychiater.
De onafhankelijke deskundige concludeerde dat de kans op een medische noodsituatie bij uitzetting zeer reëel is en dat een dreigende uitzetting waarschijnlijk zal leiden tot suïcidaal gedrag. Verweerder stelde dat behandeling in Guinee en Senegal beschikbaar was en dat het BMA-advies voldoende was, maar de rechtbank vond dit onvoldoende en oordeelde dat het BMA-advies niet tijdig rekening hield met het risico van suïcide vóór uitzetting.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Awb en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de uitspraak op het beroep zelf voorziening bood. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.