Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
5.De beslissing
dr. ir. Th. Kramer, deskundig lid, en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2014.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een kwekersrechtzaak tussen Stichting Gladiolen Combinatie en [A] c.s. als eiseressen en [C] als gedaagde. Na deskundigenonderzoek door Naktuinbouw is voorshands bewezen dat een deel van het in beslag genomen plantmateriaal van het beschermde ras Amsterdam is, waarvan eiseres de kwekersrechtenhouder is. Gedaagde heeft geen tegenbewijs geleverd.
De rechtbank oordeelde dat [C] zonder toestemming voorbehouden handelingen verrichtte met het ras Amsterdam, wat inbreuk op het kwekersrecht oplevert. Het deskundigenrapport toonde aan dat 28 van 44 onderzochte monsters identiek waren aan referentiemonsters van het ras Amsterdam. Gedaagde betwistte dit niet inhoudelijk en kon zijn stellingen niet onderbouwen.
De rechtbank wees het gevorderde inbreukverbod toe en legde aanvullende verplichtingen op aan [C], waaronder het verstrekken van een door een registeraccountant gecontroleerde opgave van het vermeerderde en verhandelde materiaal, en de afgifte en vernietiging van het in beslag genomen materiaal dat het ras Amsterdam betreft. Tevens werd een dwangsom opgelegd bij niet-nakoming.
De vorderingen van [C] in reconventie wegens schade door het beslag werden afgewezen, aangezien het beslag rechtmatig was gelegd. [C] werd veroordeeld in de proceskosten van zowel de conventie als de reconventie. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat [C] inbreuk maakt op het kwekersrecht van het ras Amsterdam en legt een inbreukverbod, opgaveverplichting, afgifte en vernietiging van materiaal en een dwangsom op.