Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 6 november 2013, met 8 producties;
- het op 31 december 2013 ingekomen verweerschrift, met 1 productie.
2.De feiten
3.Het geschil
- voor recht te verklaren dat [B] aansprakelijk is voor de door [A] geleden en nog te lijden materiële en immateriële schade ten gevolge van de twee door [B] uitgevoerde operaties in verband met de kin- en halslift;
- [B] overeenkomstig de artikelen 1019aa Rv jo. 6:96 BW te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten van € 8.104,26;
- [B] te veroordelen in de proceskosten.