ECLI:NL:RBDHA:2014:4390
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens niet-tijdige indiening bezwaarschrift verblijfsvergunning
Eiseres heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen gekregen door verweerder. Tegen het besluit tot afwijzing heeft eiseres bezwaar gemaakt, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening. Eiseres stelde dat het bezwaarschrift op 10 mei 2013 per post was verzonden, maar verweerder ontving dit pas op 6 juni 2013, nadat een kopie was ingediend.
De rechtbank overwoog dat bij postverzending het risico van niet-ontvangst bij de indiener ligt, zeker als niet aangetekend is verzonden. Er was onvoldoende bewijs dat het bezwaarschrift tijdig was verzonden of ontvangen. Vertrouwen op een uitlating van een medewerker van verweerder na afloop van de termijn kon de termijnoverschrijding niet verschoonbaar maken.
Het beroep op het zwaarwegende belang van eiseres mocht niet leiden tot een uitzondering op de strikte termijn. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard. Het verzoek om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen werd afgewezen omdat de hoofdzaak nog moest worden beslist.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-tijdige indiening van het bezwaarschrift en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.