ECLI:NL:RBDHA:2014:4443
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek bedrijfslasten voor bloembollenaankoop na ontbinding maatschap
Eiseres dreef tot 1 januari 2005 een onderneming in maatschapsverband met haar echtgenoot en zoon, waarna de maatschap werd ontbonden. In juli 2009 heeft de zoon zonder toestemming van zijn ouders bloembollen gekocht op naam van de ontbonden maatschap, maar de rekening is niet betaald. De leverancier stelde eiseres, haar echtgenoot en zoon hoofdelijk aansprakelijk voor de vordering.
Eiseres bracht in haar aangifte inkomstenbelasting 2010 een bedrag van €38.937 aan advocaatkosten en kosten van bloembollen als nagekomen bedrijfslasten in aftrek. Verweerder weigerde deze aftrek omdat de kosten niet samenhangen met een onderneming die eiseres na 2005 dreef.
De rechtbank oordeelt dat de kosten niet aftrekbaar zijn omdat de maatschap was ontbonden en de kosten voortvloeiden uit handelingen van de zoon na ontbinding. De aansprakelijkheid betreft een civielrechtelijke kwestie zonder fiscale kwalificatie. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aftrek van de kosten wordt geweigerd.