Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
(vonnis)
[verdachte],
De terechtzitting.
Het verloop van de procedure
Het standpunt van de verdediging.
Het standpunt van de officier van justitie.
De verdere beoordeling van de ontvankelijkheid.
“bezien in het licht van de arresten van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 13 december 2005, Nilsson tegen Zweden, nr. 73661/01, 23 september 1998, Malige tegen Frankrijk, nr. 27812/95, 21 september 2006, Maszni tegen Roemenië, nr. 59892/00 en 24 januari 2012, Mihai Toma tegen Roemenië, nr. 1051/06; www.echr.coe.int), vanwege de zwaarte ervan een punitief karakter hebben”.
“Het betoog van [appellant] dat de aan hem opgelegde maatregel als een maatregel gebaseerd op een "criminal charge", in de zin van artikel 6, eerste lid, van het EVRM moet worden aangemerkt, slaagt, maar dit leidt, gelet op het hierna volgende, niet tot het ermee beoogde doel.”