ECLI:NL:RBDHA:2014:605
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete voor manipulatie tachograaf bevestigd ondanks beroep op discriminatieverbod
Op 5 maart 2013 controleerde de Inspectie Leefomgeving en Transport een voertuig van een Estse vennootschap en constateerde manipulatie van de tachograaf, wat leidde tot een bestuurlijke boete van €2.200,-. De vennootschap stelde beroep in tegen het boetebesluit en voerde aan dat het innen van de boete ter plekke discriminerend was en in strijd met het kaderbesluit 2005/214/JBZ.
De rechtbank oordeelde dat het kaderbesluit niet van toepassing is op de opgelegde bestuurlijke boete, omdat deze niet voortkomt uit een strafbaar feit in de zin van het besluit. Het direct innen van de boete is toegestaan onder de Arbeidstijdenwet en gerechtvaardigd vanwege het ontbreken van een bekende woon- of verblijfplaats in Nederland.
Verder verwierp de rechtbank het verweer dat de vennootschap niet verantwoordelijk zou zijn voor de overtreding, aangezien zij als werkgever verantwoordelijk is voor correcte registratie van arbeids- en rusttijden. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete wegens tachograafmanipulatie wordt ongegrond verklaard en de boete van €2.200,- wordt gehandhaafd.