Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- de dagvaarding van 12 november 2013, met producties;
- de conclusie van antwoord met producties;
- het tussenvonnis van 5 maart 2014;
- het proces-verbaal van comparitie van 8 mei 2014.
2.De feiten
slechtuit de bus kwam.”
slechtoordeel. Dit komt mede doordat de (Turkse) arts niet Big-geregistreerd is en geen lid is van het NGRC (Nederlands Gezelschap voor Refractiechirurgie, rechtbank). Maar ook op andere punten scoort deze kliniek
matig.”
De Consumentenbond heeft de publicatie vergezeld doen gaan van een persbericht. Aan de publicatie in de Consumentengids is in verschillende media prominent aandacht besteed.
Het vorenstaande neemt echter niet weg dat uit de tekst van de publicatie wel duidelijk dient te blijken dat het hier gaat om toetsing van een randvoorwaarde en niet om een oordeel over de kwaliteit van de behandeling. Hiervan is geen sprake. Het onvoldoende duidelijk geredigeerde artikel wekt immers in een aantal opzichten juist wel de indruk dat gekeken is naar de kwaliteit van klinieken, artsen en behandelingen, zie hiervoor onder 11. Dat alleen randvoorwaarden getoetst zijn, welke dit precies zijn en hoe de klinieken scoren ten aanzien van die voorwaarden blijkt niet voldoende duidelijk uit de tekst van het artikel en de tabel. De indeling van klinieken in categorieën is daarmee onvoldoende onderbouwd. Indien deze publicatie ten aanzien van deze aspecten volledig was geweest en de toetsing, anders dan in dit geval, compleet was weergegeven en inzichtelijk was gemaakt, had het de Consumentenbond vrij gestaan de klinieken overeenkomstig de uitkomst van die toetsing in categoriëen in te delen.
De weergave van wat onderzocht is (de randvoorwaarden), de criteria waaraan getoetst is en de resultaten van die toetsing zijn onduidelijk en onvolledig. Er wordt niet op zo duidelijk mogelijke wijze inzicht gegeven in de resultaten en hun betekenis. Mitsdien voldoet deze publicatie niet aan hetgeen van een instelling als de Consumentenbond verwacht mag worden op het gebied van deskundige, objectieve en voor ieder duidelijke voorlichting.
Alle omstandigheden in aanmerking genomen heeft de Consumentenbond zowel met het artikel als met het persbericht onrechtmatig jegens Eye Center gehandeld.”
3.Het geschil
Verder betwist de Consumentenbond dat [eiser] werkelijk schade heeft geleden en dat sprake is van causaal verband tussen het gestelde onrechtmatig handelen van de Consumentenbond en de schade die [eiser] en de Holding zouden lijden. Voor een verwijzing naar de schadestaatprocedure ziet de Consumentenbond geen grond. De Consumentenbond betwist dat er buitengerechtelijke kosten zijn gemaakt.
4.De beoordeling
Welke “eigen schade” de Holding lijdt of nog zal kunnen lijden is in het geheel niet duidelijk geworden, zodat de rechtbank in het vervolg de schadevergoedingsvordering van de Holding onbesproken laat.