Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 augustus 2015 in de zaak tussen
[eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres
Procesverloop
Overwegingen
€ 1.494-/-
orgkosten
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over 2011, waarin correcties zijn aangebracht op haar aangifte, waaronder particuliere verzekeringen, onderhoudsverplichtingen, kosten levensonderhoud kinderen, specifieke zorgkosten en giften. Tevens werd de inkomensafhankelijke combinatiekorting en alleenstaande ouderkorting niet toegekend.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd voor de aftrek van premies voor inkomensvoorzieningen, onderhoudsverplichtingen aan familieleden, kosten levensonderhoud voor kinderen en specifieke zorgkosten. Ook voor de giften is slechts een deel van het opgevoerde bedrag aannemelijk gemaakt. Daarnaast is vastgesteld dat geen van haar kinderen in 2011 op haar adres stond ingeschreven, waardoor de heffingskortingen niet kunnen worden toegekend.
Eiseres heeft niet gereageerd op uitnodigingen voor hoorzittingen en heeft geen concrete stukken overgelegd die haar standpunten ondersteunen. De rechtbank vindt geen schending van de hoorplicht of van termijnen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank wijst ook het beroep op het vertrouwensbeginsel af, omdat uit de voorlopige aanslagen duidelijk blijkt dat hieraan geen rechten kunnen worden ontleend. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de correcties op haar inkomstenbelasting 2011 en het niet verlenen van heffingskortingen wordt ongegrond verklaard.