ECLI:NL:RBDHA:2015:11594
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens motiveringsgebrek en schending privéleven
Eisers, van Armeense nationaliteit, vroegen een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan, welke werd geweigerd met een inreisverbod van twee jaar. Zij voerden aan dat zij vrijstelling van de machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) behoorden te krijgen, onder meer vanwege hun sterke emotionele band met Nederland, mede door de uitstrooiing van de as van hun overleden kind in Groningen en de geboorte en langdurige verblijf van hun kinderen in Nederland.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet alle relevante feiten en omstandigheden had betrokken in de belangenafweging onder artikel 8 EVRM Pro, met name ten aanzien van het recht op privéleven. Hierdoor kleefde aan het besluit een motiveringsgebrek. Eisers werden ten onrechte niet vrijgesteld van het mvv-vereiste.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gelastte verweerder om opnieuw op bezwaar te beslissen, met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eisers en het griffierecht.
De rechtbank zag geen mogelijkheid het geschil finaal te beslechten gezien de aard van de belangenafweging en kwam niet toe aan bespreking van overige beroepsgronden.
De uitspraak werd gedaan door rechter P.M. van Dijk-de Keuning op 1 oktober 2015 te Den Haag.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek en schending van artikel 8 EVRM, met gelaste hernieuwde besluitvorming.