ECLI:NL:RBDHA:2015:1387
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in bestuursrechtelijke Wob-zaak
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen een beslissing van de Minister van Defensie op haar bezwaar in een zaak over de Wet openbaarheid van bestuur. Tijdens de mondelinge behandeling op 11 december 2014 heeft verzoekster de rechter gewraakt vanwege het accepteren van een laat ingediend document van het ministerie en het niet oproepen van een getuige die verzoekster wilde horen.
De wrakingskamer heeft het verzoek op 12 januari 2015 behandeld, waarbij verzoekster niet aanwezig was maar haar gemachtigde wel. De rechter heeft schriftelijk verweer gevoerd. De kamer overweegt dat het accepteren van het document en het niet oproepen van de getuige procedurele beslissingen zijn die op zichzelf geen reden tot wraking vormen.
De wrakingskamer stelt dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid of het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter. Ook is verzoekster in de gelegenheid gesteld schriftelijk te reageren op het late stuk. Daarom wordt het wrakingsverzoek afgewezen en wordt het proces in de hoofdzaak voortgezet.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen en het proces wordt voortgezet.