ECLI:NL:RBDHA:2015:15659
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens schijn van vooringenomenheid
Verzoeker tekende verzet aan tegen een strafbeschikking wegens overtreding van de Wet Openbare Manifestaties. Tijdens de zitting van 29 juni 2015 betoogde verzoeker dat de kantonrechter en officier van justitie kennelijk buiten zijn aanwezigheid hadden gesproken met een opgeroepen verbalisant die kort voor de zitting de rechtszaal betrad en weer vertrok. Dit leidde tot een wrakingsverzoek tegen kantonrechter mr. Y.E. Kastein.
De wrakingskamer onderzocht de situatie en stelde vast dat de verbalisant inderdaad de zittingszaal betrad en verliet terwijl zowel de kantonrechter als de officier van justitie aanwezig waren. De kantonrechter verklaarde niet zelf met de verbalisant gesproken te hebben, maar erkende dat zij in de zaal aanwezig was tijdens een gesprek tussen de officier van justitie en de verbalisant. De officier van justitie gaf aan dat de verbalisant ten onrechte was opgeroepen en dat zij hem excuses aanbood, waarna hij vertrok.
De wrakingskamer oordeelde dat deze gang van zaken de schijn van vooringenomenheid wekte, omdat verzoeker de indruk kon krijgen dat de kantonrechter zonder zijn aanwezigheid had besloten de getuige niet te horen. Dit was onwenselijk en maakte de wraking gegrond. De behandeling van de hoofdzaak werd opgedragen aan een andere kantonrechter. De overige wrakingsgronden werden niet meer besproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen kantonrechter Kastein is toegewezen wegens schijn van vooringenomenheid, en de zaak wordt voortgezet door een andere kantonrechter.