ECLI:NL:RBDHA:2015:1767
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring vreemdeling wegens medische omstandigheden en ontbreken evenredigheid
Verweerder legde op 27 januari 2015 aan eiser, een Eritrese vreemdeling, de maatregel van bewaring op op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De overdracht van eiser naar Italië stond gepland voor 4 februari 2015, maar vond niet plaats omdat eiser niet fit-to-fly werd verklaard vanwege ernstige medische klachten waaronder diabetes met orgaanschade, hypertensie en nierschade.
Eiser voerde aan dat de bewaring niet gerechtvaardigd was omdat hij onder medische behandeling stond en geen risico liep om zich aan toezicht te onttrekken. De rechtbank oordeelde dat de gronden voor bewaring in beginsel konden dragen, maar dat verweerder had moeten beoordelen of de maatregel evenredig was en of minder dwingende maatregelen mogelijk waren, zoals vereist onder artikel 28, tweede lid, van de Dublinverordening.
Omdat een dergelijke individuele beoordeling ontbrak en de medische situatie van eiser ernstig was, was de bewaring vanaf 3 februari 2015 niet in redelijkheid gerechtvaardigd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, hief de bewaring op met ingang van die datum en kende eiser een schadevergoeding toe van €1.200 voor vijftien dagen onrechtmatige bewaring. Tevens werden proceskosten van €980 aan eiser toegekend.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven met ingang van 3 februari 2015 vanwege onrechtmatigheid en er wordt schadevergoeding toegekend.