Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
gemachtigde: mr. J.C.O. Stiphout.
Procesverloop
Overwegingen
.Aan het bestreden besluit heeft verweerder ten grondslag gelegd dat uit het algemeen ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken over Libië van 25 mei 2012 blijkt dat de verandering van omstandigheden door de regimewijziging en de dood van Gadaffi een voldoende ingrijpend en niet voorbijgaand karakter heeft en er in het algemeen geen beperkingen voor Libiërs gelden om het land in en uit te reizen. Voorts heeft verweerder aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat eiser op grond van zijn eerdere relaas (ex-tunctoets) dan wel zijn huidige situatie (ex-nunctoets) niet in aanmerking komt voor een asielvergunning op een van de (overige) gronden bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vw 2000.
UNHCR position on returns to Libya” van november 2014 en een negatief reisadvies van de rijksoverheid met betrekking tot Libië.
Ter zitting heeft eiser desgevraagd verklaard dat hij afkomstig is uit de regio Tripoli.
niet’ per abuis niet is vermeld. De rechtbank begrijpt uit het verhandelde ter zitting en de tekst van het besluit dat de aanvraag van eiser voor een verlenging van de asielvergunning voor bepaalde tijd, dan wel verlening van een asielvergunning voor onbepaalde tijd afgewezen is.