Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 april 2015 in de zaak tussen
[eiser] , te [plaats] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Verweerder heeft eisers verzoek voor wat betreft de vragen die verband houden met het BJZ/AMK dossier inzake [naam 1] haar drie kinderen (categorie A) niet-ontvankelijk verklaard. Verweerder stelt zich op het standpunt dat op deze categorie niet de Wob maar de Wet op de jeugdzorg (Wjz) van toepassing is. Deze staat geen inlichtingen toe aan derden anders dan met toestemming van de cliënt, die in dit geval ontbreekt.
.Op de voet van artikel 50, tweede lid, van de Wjz kan inzage in, dan wel afschrift van de bescheiden uit de dossiers van de kinderen worden verstrekt, tenzij het belang van de kinderen zich daartegen verzet. Daarbij dient een afweging plaats te vinden tussen het belang van de ouders en dat van de kinderen. Zodanige belangenafweging blijft achterwege bij de beoordeling van een verzoek op grond van de Wob. Openbaarmaking zou tot een doorkruising van de in de Wjz neergelegde regeling tot inzage in, dan wel de verstrekking van afschrift van de bescheiden met betrekking tot de kinderen leiden, aldus de Afdeling.
Beslissing
C.A.Y. Morison-Libourel, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 april 2015.