Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
2.
hij op of omstreeks 26 juni 2014, te Zoetermeer, althans in Nederland, (een) voorwerpen), te weten 140.000 euro, in elk geval een geldbedrag, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of heeft omgezet en/of van (een) voorwerp(en), te weten 140.000 euro, in elk geval een geldbedrag, gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat/die voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk onmiddellijk of middellijk afkomstig was uit enig misdrijf en/of van dat witwassen een gewoonte heeft gemaakt;
ter bevestiging van de betrouwbaarheid van zijn/hun bedrijf en/of de verzending van een of meer postpakket(ten)
zulks met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;
3.Bewijsoverwegingen
Dear Mrs [naam] and Mr [slachtoffer 6]. As the agent between Mr. [slachtoffer 6] and Mrs [naam] I confirm the cash in the bag is € 251.000,00. It is correct. Any shortage will be the agent’s responsibility. Z.L.” Reçu 2: “
Dear Mrs [naam] and Mr [slachtoffer 6]. As the agent between Mr. [slachtoffer 6] and Mrs [naam] I confirm the produkts are 23.200 cans. Any shortage will be the agent’s responsibility. Z.L.” [11]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
8.De inbeslaggenomen goederen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
5 (VIJF) JAREN en 6 (ZES) MAANDEN;