ECLI:NL:RBDHA:2015:4870
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek kantonrechter in snelheidsovertredingszaak
In deze zaak heeft verzoeker een sanctie gekregen voor het overschrijden van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom. Na afwijzing van het beroep door de officier van justitie, heeft verzoeker de zaak aan de kantonrechter voorgelegd. Tijdens de zitting stelde de kantonrechter meerdere keren vragen over de locatie van de overtreding en weigerde hij het door verzoeker aangeboden bewijs te bekijken.
Verzoeker stelde dat de kantonrechter partijdig was door het toelaten van niet-relevante vragen en het negeren van zijn bewijs, met de bedoeling de zaak in het voordeel van de officier van justitie af te doen. De kantonrechter ontkende dit en motiveerde zijn handelen vanuit twijfel over de locatie en het bewijs van de officier van justitie.
De wrakingskamer oordeelde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor onpartijdigheid of schijn daarvan. De kantonrechter heeft ruime vrijheid in het leiden van de zitting en het beoordelen van bewijs. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd voortgezet in de stand van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van gegronde aanwijzingen voor partijdigheid.