Uitspraak
Alimentatie
Beschikking op het op 8 oktober 2014 ingekomen verzoek van:
[de man],
[de vrouw],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens verzoekschrift;
- het verweer tegen het zelfstandig verzoek;
- de brief d.d. 28 oktober 2014, met bijlagen, van de zijde van de man;
- de brief d.d. 13 maart 2015, met bijlagen, van de zijde van de vrouw;
- de brief d.d. 24 maart 2015, met bijlagen, van de zijde van de vrouw;
- de brief d.d. 26 maart 2015, met bijlagen, van de zijde van de man.
Feiten
Verzoek en verweer
- met ingang van 20 mei 2014, althans met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift, de kinderalimentatie op nihil te bepalen, althans op € 330,92 per maand per kind, althans op zodanig bedrag als de rechtbank juist acht, alsmede te bepalen dat de vrouw de reeds ontvangen en teveel betaalde kinderalimentatie dient terug te betalen en dat deze bijdragen onverschuldigd zijn betaald;
- primair: de behoefte van de vrouw te bepalen op thans € 3.695,28 bruto per maand en met ingang van 20 mei 2014, althans met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift de partneralimentatie op nihil te bepalen, althans op zodanig bedrag als de rechtbank juist acht, alsmede te bepalen dat de vrouw de reeds ontvangen en teveel betaalde partneralimentatie dient terug te betalen en dat deze bijdragen onverschuldigd zijn betaald;
- subsidiair: indien partneralimentatie wordt bepaald, deze bijdrage te limiteren voor de duur van een jaar;
- meer subsidiair: de partneralimentatie na een jaar op nihil te bepalen;
- te bepalen dat de vrouw op grond van artikel 21 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering haar financiële gegevens dient te overleggen,
- indien de rechtbank overgaat tot nihilstelling van de partneralimentatie, met ingang van de datum van die nihilstelling de kinderalimentatie op € 636,- per maand per kind te bepalen;
- indien en voor zover de rechtbank overgaat tot verlaging van de partneralimentatie, met ingang van de datum van die wijziging de behoefte van de minderjarigen van
Beoordeling
- de pensioenpremie van € 401,- per maand;
- de bijtelling eigen-woningforfait van € 1.665,- (WOZ-waarde van € 222.000,-);
- de fiscaal aftrekbare hypotheekrente van € 1.311,- per maand.
- hypotheekrente van € 1.311,-;
- premie levensverzekering van € 160,-;
- forfait overige eigenaarslasten van € 95,-.