ECLI:NL:RBDHA:2015:528

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 januari 2015
Publicatiedatum
20 januari 2015
Zaaknummer
AWB - 14 _ 7636
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 26 AwrArt. 8:1 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet-voor-beroep-vatbare beslissing ambtshalve vermindering aanslag IB 2005

Eiser heeft beroep ingesteld tegen twee beslissingen van verweerder op verzoeken tot ambtshalve vermindering van de aanslag inkomstenbelasting 2005. Verweerder had deze verzoeken afgewezen omdat zij buiten de vijfjaarstermijn waren ingediend. De rechtbank heeft onderzocht of het beroep ontvankelijk is.

Op grond van artikel 26 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) kan tegen een belastingbesluit alleen beroep worden ingesteld als het een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking betreft. De beslissingen van verweerder betroffen echter geen aanslagen of voor bezwaar vatbare beschikkingen, maar afwijzingen van verzoeken tot ambtshalve vermindering.

De rechtbank oordeelt dat deze beslissingen niet voor beroep vatbaar zijn en verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Batelaan-Boomsma op 15 januari 2015 te Den Haag.

Uitkomst: Het beroep tegen de beslissingen op verzoeken tot ambtshalve vermindering van de aanslag IB 2005 wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Team belastingrecht
zaaknummer: SGR 14/7636

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 januari 2015 in de zaak tussen

[eiser] , wonende te [plaats] , eiser

en

[P] , verweerder.

Procesverloop

Verweerder heeft, met dagtekening 20 december 2007, aan eiser voor het jaar 2005 een aanslag (aanslagnummer [nummer] ) inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (de aanslag IB 2005) opgelegd .
Eiser heeft een brief, met dagtekening 25 april 2014 naar verweerder gezonden, door verweerder aangemerkt als een verzoek tot ambtshalve vermindering van de aanslag IB 2005.
Verweerder heeft bij beslissing van 15 mei 2014 eiser meegedeeld dat het verzoek buiten de vijfjaarstermijn is ingediend en derhalve niet meer in behandeling kan worden genomen.
Eiser heeft wederom een brief, met dagtekening 28 juli 2014, naar verweerder gezonden, door verweerder aangemerkt als een verzoek tot ambtshalve vermindering van de aanslag IB 2005.
Verweerder heeft bij beslissing van 13 augustus 2014 eiser meegedeeld dat het verzoek buiten de vijfjaartermijn is ingediend en derhalve niet meer in behandeling kan worden genomen.
Eiser heeft, met dagtekening 6 augustus 2014, beroep tegen voormelde beslissingen van verweerder ingesteld.
Verweerder heeft, met dagtekening 20 november 2014, een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 6 januari 2015 te Den Haag.
Eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde [gemachtigde] .

Overwegingen

Feiten
1. Eiser is, met dagtekening 6 augustus 2014, in beroep gekomen tegen de beslissing van verweerder op een verzoek tot ambtshalve vermindering van de aanslag IB 2005, gedagtekend 15 mei 2014 en tegen de beslissing van verweerder op een verzoek tot ambtshalve vermindering van de aanslag IB 2005, gedagtekend 13 augustus 2014.

Geschil2. In geschil is of er beroep tegen de voormelde beslissingen van verweerder kan worden ingesteld.

Beoordeling van het geschil
3. Ingevolge artikel 26 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) kan in afwijking van artikel 8:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht tegen een ingevolge de belastingwet genomen besluit slechts beroep bij de bestuursrechter worden ingesteld, indien het een belastingaanslag of een voor bezwaar vatbare beschikking betreft. De beslissingen van verweerder zijn, nu zij zien op het belastingjaar 2005, niet voor beroep vatbaar, omdat het geen belastingaanslagen of voor bezwaar vatbare beschikkingen zijn.
4. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, dient het beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard.
Proceskosten
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.I. Batelaan-Boomsma, rechter, in aanwezigheid van
mr. A.M. van Duijvendijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
15 januari 2015.
griffier rechter

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na verzending hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag (belastingkamer), Postbus 20021,
2500 EA Den Haag.
Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:
1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.
2. het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
b. een dagtekening;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;
d. de gronden van het hoger beroep.