ECLI:NL:RBDHA:2015:5458
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen ingangsdatum verlaging maandbedrag studiefinanciering
Eiser maakte bezwaar tegen het bericht van 6 oktober 2014 waarin de ingangsdatum van 1 juli 2014 werd genoemd voor de verlaging van zijn maandbedrag studiefinanciering. Deze datum is vastgesteld op basis van zijn verzoek van 30 juni 2014 en kan niet eerder ingaan dan de eerste dag van de maand volgend op het verzoek.
De rechtbank overweegt dat eiser geen tijdig verzoek of bezwaar heeft ingediend tegen het bericht van 6 januari 2014, waarin het terug te betalen bedrag vanaf 1 januari 2014 werd vastgesteld. Omdat eiser ten tijde van belang in het buitenland woonde, geldt dat hij aannemelijk moet maken dat hij DUO tijdig heeft geïnformeerd over zijn adreswijziging. Indien DUO het bericht naar het laatst bekende adres heeft gestuurd, is dat niet verwijtbaar, tenzij DUO bewust het bericht naar een oud adres heeft gestuurd terwijl zij het nieuwe adres kende.
De rechtbank concludeert dat het bezwaar terecht ongegrond is verklaard en ziet geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter T.A. de Hek op 13 mei 2015.
Uitkomst: Het beroep tegen de ingangsdatum van de verlaging van het maandbedrag studiefinanciering is ongegrond verklaard.