Uitspraak
Vonnis in de zaak van:
[eiser],
de besloten vennootschap De Jong Onderhoudswerken B.V.,
Procedure
- de dagvaarding van 7 januari 2015, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties.
Rechtbank Den Haag
Eiser vordert te verklaren voor recht dat het door De Jong Onderhoudswerken gegeven ontslag kennelijk onredelijk is en verlangt schadevergoeding. De gedaagde voert verjaring aan als verweer. De kantonrechter overweegt dat de verjaringstermijn van zes maanden conform artikel 7:681 juncto Pro 7:683 lid 1 BW geldt en dat deze rechtsgeldig is gestuit door tijdige aanzeggingen en dagvaardingen.
De arbeidsovereenkomst werd opgezegd per 20 mei 2013. Eiser heeft binnen de verjaringstermijn op 31 oktober 2013 en 22 april 2014 stuitingshandelingen verricht. Hoewel de dagvaarding van 24 juni 2014 niet tijdig op de rol is ingeschreven, waardoor het geding eindigde en de verjaring opnieuw aanving, heeft eiser binnen zes maanden daarna, op 7 januari 2015, een nieuwe dagvaarding uitgebracht die wel tijdig is ingeschreven.
Hierdoor is de verjaring telkens rechtsgeldig gestuit en is de vordering niet verjaard. De kantonrechter verklaart eiser ontvankelijk en gelast een nieuwe comparitie van partijen. Verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag is niet verjaard en eiser is ontvankelijk verklaard.