ECLI:NL:RBDHA:2015:7414
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen sluiting seksinrichting wegens onduidelijkheden in feitencomplex
Verweerder heeft bij besluit van 12 mei 2015 de seksinrichting van verzoeker tijdelijk voor zes maanden gesloten. Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om opschorting van het besluit tijdens de bezwaarprocedure. De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisend belang aanwezig was en dat het voorlopige oordeel bindend is voor de bodemprocedure.
De sluiting was gebaseerd op eerdere waarschuwingen en politieconstateringen, maar bij de beoordeling bleek dat essentiële stukken zoals boeterapporten, analyserapporten van aangetroffen pillen en correcte processen-verbaal ontbraken of onjuist waren. Zo was het feitencomplex waarop het besluit rustte onjuist weergegeven en ontbraken bewijsstukken die de rechtmatigheid van het besluit en de waarschuwingen konden bevestigen.
Gelet op deze onduidelijkheden en het ontbreken van objectieve en verifieerbare stukken, kon de voorzieningenrechter niet uitsluiten dat het bezwaar van verzoeker kans van slagen had. Het belang van verzoeker bij het openblijven van de inrichting woog zwaarder dan het belang van verweerder bij directe sluiting. Daarom werd het besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot sluiting van de seksinrichting is geschorst vanwege een onjuist feitencomplex en ontbrekende onderbouwing.