ECLI:NL:RBDHA:2015:9097

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
30 juli 2015
Publicatiedatum
3 augustus 2015
Zaaknummer
15/13527 en 15/13525
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening+bodemzaak
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige oproepingen militaire dienst Oekraïne

Eiser, afkomstig uit Oekraïne, verzocht om asiel vanwege drie oproepingen voor militaire dienst die hij niet wilde opvolgen. De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees het asielverzoek af omdat de oproepingen niet geloofwaardig werden geacht.

De voorzieningenrechter oordeelde dat eiser geen bewijsstukken van de oproepingen had overgelegd, ondanks dat hij de mogelijkheid had deze bij zijn moeder op te halen waar de oproepingen waren bezorgd. Tevens kon eiser geen inhoudelijke details geven over de oproepingen en verklaarde niet waarom hij geen moeite had gedaan om kennis te nemen van de oproepingen. Daarnaast woonde eiser nog bijna een half jaar thuis nadat de eerste oproeping was bezorgd.

Op grond van deze feiten concludeerde de voorzieningenrechter dat het asielrelaas ongeloofwaardig was en dat eiser geen recht had op asielrechtelijke bescherming. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Tegen deze uitspraak stond hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na verzending van het proces-verbaal.

Uitkomst: Het beroep op asiel werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummers: AWB 15/13527 (voorziening) en AWB 15/13525 (beroep)
V-nummer: [nummer]
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter voor vreemdelingenzaken van 30 juli 2015 in de zaak tussen
[naam], eiser,
gemachtigde: mr. S.A.M. Fikken,
en
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder,
gemachtigde: mr. drs. S.F.E. Verdonck.

Procesverloop

Bij besluit van 13 juli 2015 (hierna: het bestreden besluit), genomen in de algemene asielprocedure, heeft verweerder de asielaanvraag van eiser afgewezen.
Eiser heeft op 13 juli 2015 tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat uitzetting van eiser achterwege zal blijven hangende de behandeling van het beroep.
Het verzoek om een voorlopige voorziening is ter zitting behandeld op 30 juli 2015. Eiser is verschenen bij mr. M.B. van den Toorn-Volkers, kantoorgenote van zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. De voorzieningenrechter doet na afloop van het onderzoek ter zitting onmiddellijk mondeling uitspraak.
2. Aangezien nader onderzoek naar het oordeel van de voorzieningenrechter redelijkerwijs niet kan bijdragen aan de beoordeling van de zaak, zal onmiddellijk op het beroep worden beslist. Daartoe wordt als volgt overwogen.
3. Eiser, afkomstig uit Oekraïne, heeft asielrechtelijke bescherming gevraagd omdat hij drie oproepingen voor militaire dienst heeft ontvangen en hij niet in dienst wil.
4. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder terecht heeft bepaald dat het niet geloofwaardig is dat eiser oproepingen heeft ontvangen. Overwogen wordt dat eiser geen oproepingen heeft overgelegd, terwijl hij wel de gelegenheid heeft gehad om deze stukken bij zijn moeder – waar de oproepingen in de brievenbus waren gedeponeerd – op te halen. Eiser heeft ook tijdens zijn verblijf in Nederland niet alsnog deze oproepingen doen opsturen. Eiser heeft voorts geen details kunnen verstrekken over de tekst van de oproepingen en hij heeft niet kunnen uitleggen waarom hij geen moeite heeft gedaan om kennis te nemen van de inhoud ervan. Verder heeft verweerder terecht tegengeworpen dat eiser nog gedurende bijna een half jaar thuis heeft gewoond nadat de eerste oproeping bij zijn moeder thuis was bezorgd. Gelet op het vorenstaande heeft verweerder terecht bepaald dat het asielrelaas van eiser ongeloofwaardig is en dat hij niet in aanmerking komt voor asielrechtelijke bescherming.
5. Het beroep is ongegrond. Er is geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter:
  • verklaart het beroep ongegrond;
  • wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van S.A.K. Kurvink, griffier, op 30 juli 2015.
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen één week na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.