Uitspraak
Rechtbank DEN Haag
[verzoekster] , te Den Haag, verzoekster
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Kamerstukken II2013/14, 33 801, nr. 3, p. 60).
Rechtbank Den Haag
Verzoekster ontvangt een bijstandsuitkering en huurt een kamer voor €250 per maand, inclusief gas, water en licht, terwijl het beleid van verweerder een minimale commerciële huurprijs van €275 hanteert. Verweerder paste de kostendelersnorm toe omdat verzoekster met vier andere meerderjarige personen op hetzelfde adres woont en volgens verweerder geen commerciële huurprijs betaalt.
Verzoekster betwist dat haar huur niet commercieel is, gezien de beperkte leefruimte en het ontbreken van eigen voorzieningen zoals keuken en douche. De voorzieningenrechter stelt vast dat verweerder bij de toepassing van de kostendelersnorm geen onderzoek heeft gedaan naar de verhouding tussen de betaalde huur en de geleverde prestaties, zoals vereist volgens de Memorie van Toelichting.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het beleid van verweerder mogelijk niet in overeenstemming is met de bedoeling van de wetgever, maar dat deze vraag niet in een voorlopige voorziening kan worden beantwoord. Gezien de penibele financiële situatie van verzoekster wordt het bestreden besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar en dient verweerder de bijstandsuitkering ongewijzigd uit te betalen. Tevens worden de proceskosten en het griffierecht aan verzoekster toegekend.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst en de bijstandsuitkering van verzoekster wordt ongewijzigd naar de norm voor een alleenstaande uitbetaald.