ECLI:NL:RBDHA:2016:10079
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte brandstichting kapsalon wegens onvoldoende bewijs
Op 30 oktober 2015 ontstond brand in een kapsalon op de begane grond van een verzorgingstehuis te Delft, waarbij ook bewoners werden geëvacueerd vanwege gevaarlijke rookontwikkeling. Forensisch onderzoek wees uit dat de brand is aangestoken met motorbenzine, aangetroffen in een jerrycan in de kapsalon.
Verdachte werd ervan verdacht de brandstichting te hebben gepleegd. In de nabijheid van de kapsalon werd een oranje plastic tas gevonden met vingerafdrukken van verdachte en een medeverdachte. Tevens werden op ongeveer 100 meter afstand handschoenen met DNA-sporen van verdachte en medeverdachte aangetroffen, waarvan één handschoen sporen van motorbenzine bevatte die mogelijk overeenkwamen met de benzine in de jerrycan.
Verdachte ontkende betrokkenheid en verklaarde dat de tas mogelijk via boodschappen was meegenomen. De rechtbank oordeelde dat de vingerafdrukken en DNA-sporen onvoldoende bewijs vormden, omdat het ging om verplaatsbare objecten waarop de sporen ook op andere wijze konden zijn terechtgekomen. Er ontbrak ander bewijs voor betrokkenheid. De rechtbank sprak verdachte vrij wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. De schadevergoeding werd niet behandeld omdat de verzekeraar de schade had vergoed.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van brandstichting wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.