ECLI:NL:RBDHA:2016:10081
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek WIA-uitkering na toegenomen arbeidsongeschiktheid door CVA
Eiser, voormalig medewerker verkoop en advies, meldde zich in 2008 ziek met knieklachten en ontving tot 2010 een Ziektewetuitkering. Na afwijzing van een WIA-uitkering in 2010 ontving hij WW en later een IOAW-uitkering. In 2015 meldde eiser toegenomen arbeidsongeschiktheid door een CVA en verzocht om herziening van het eerdere besluit.
Verweerder handhaafde de afwijzing, stellende dat eiser niet verzekerd was en het CVA een andere oorzaak had dan de eerdere ziekte. De rechtbank onderzocht of sprake was van nieuwe feiten of dezelfde ziekteoorzaak volgens artikel 4:6 Awb Pro en Wet WIA.
De verzekeringsarts verrichtte een zorgvuldige medische beoordeling en concludeerde dat het CVA in 2015 niet dezelfde oorzaak had als in 2008 en dat er geen nieuwe beperkingen waren vastgesteld. De rechtbank volgde dit oordeel en vond geen aanleiding voor herziening.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard, en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter F.X. Cozijn op 26 augustus 2016.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering is ongegrond verklaard.