ECLI:NL:RBDHA:2016:13079
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen op grond van Dublinverordening
Eisers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie waarin hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De staatssecretaris had terugnameverzoeken aan Duitsland gericht, aangezien Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvragen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep geen kans van slagen heeft omdat eisers niet aannemelijk hebben gemaakt dat terugkeer naar het land van herkomst niet mogelijk is, noch dat bijzondere individuele omstandigheden aanwezig zijn die overdracht onevenredig zouden maken. Eisers hadden beter hun aanvragen kunnen intrekken als zij terugkeer wilden bespoedigen.
De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst de verzoeken om voorlopige voorzieningen af. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard en de verzoeken om voorlopige voorzieningen afgewezen.