ECLI:NL:RBDHA:2016:13282
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing Wob-verzoek wegens strijd met Awb
Eiser verzocht de gemeente Den Haag om openbaarmaking van brieven waarin Wob-verzoeken werden afgewezen wegens verzuim of te algemene formulering, inclusief reacties van burgers en besluiten, over de periode mei 2014 tot augustus 2015. Verweerder wees het verzoek af, stellende dat het verzoek deels herhaald was en dat de Wob niet verplicht tot het vervaardigen van nieuwe documenten. Tevens stelde verweerder dat het verzoek te ongespecificeerd was en dat de gevraagde informatie niet centraal geregistreerd werd, waardoor het beantwoorden onevenredig veel inspanning zou vergen.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek wel degelijk betrekking had op een bestuurlijke aangelegenheid en voldoende gespecificeerd was. De Wob verplicht niet tot het vervaardigen van nieuwe gegevens, maar het verzoek betrof bestaande documenten. De rechtbank verwierp het standpunt dat de grote inspanning gelijkstaat aan vervaardiging van documenten en volgde eiser in zijn verwijzing naar jurisprudentie dat een verzoek niet geweigerd mag worden vanwege de benodigde inspanning.
Verder oordeelde de rechtbank dat het bestreden besluit tot afwijzing niet tijdig was genomen en dat er geen sprake was van onbehoorlijke vervlechting tussen de bezwarencommissie en verweerder. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.