ECLI:NL:RBDHA:2016:15012
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige oplegging maatregel van bewaring wegens ontbreken grondslag
Op 12 oktober 2016 werd aan eiser een maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59b, eerste lid, Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde dat in het besluit niet is aangegeven op welke grond van artikel 59b de maatregel is gebaseerd, waardoor de maatregel onrechtmatig is.
De rechtbank oordeelt dat het niet kenbaar maken van de grondslag in strijd is met artikel 5.3, eerste lid, Vreemdelingenbesluit 2000, en dat de maatregel van meet af aan onrechtmatig is. Verweerder kon niet aantonen dat aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder c, was voldaan, mede omdat eiser niet eerder een terugkeerbesluit had gekregen en niet in bewaring was gehouden in het kader van een terugkeerprocedure.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, beveelt de opheffing van de maatregel en kent een schadevergoeding toe van € 1520,- voor 19 dagen detentie. Tevens worden de proceskosten van € 992,- aan verweerder opgelegd. De uitspraak is op 31 oktober 2016 gedaan door rechter L.M. Kos.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven en eiser ontvangt een schadevergoeding van € 1520,-.