ECLI:NL:RBDHA:2016:15140
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-inbehandelingname asielaanvraag op grond van Dublinverordening
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiseres tegen het besluit van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen. Dit besluit was genomen op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening, waarbij Tsjechië als verantwoordelijke lidstaat werd aangewezen.
Eiseres voerde aan dat Tsjechië haar verdragsverplichtingen niet nakomt en stelde medische omstandigheden en slachtofferschap van mensenhandel aan haar zijde. De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat Tsjechië tekortschiet in de opvang of asielprocedure. Het Amnesty International rapport bood onvoldoende aanknopingspunten voor ernstige tekortkomingen.
Verder verwierp de rechtbank het beroep op de humanitaire clausule en het verzoek om ambtshalve verlening van een verblijfsvergunning op grond van het slachtofferschap, omdat de asielaanvraag niet in behandeling was genomen. Ook toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 werd afgewezen, omdat in Dublinzaken deze beoordeling pas bij daadwerkelijke overdracht kan plaatsvinden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot niet-inbehandelingname van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.