Uitspraak
Verzoek ex artikel 1:204 lid 1 onder Pro e (oud) BW
Beschikking op het op 21 april 2016 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoeker] ,
[de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
Procedure
- het verzoekschrift;
- de brief met bijlagen d.d. 24 mei 2016 van de zijde van verzoeker;
- de brief met bijlagen d.d. 28 juni 2016 van de zijde van verzoeker;
- de brief met bijlagen d.d. 22 augustus 2016 van de zijde van verzoeker;
- het verslag van de bijzondere curator.
- mr. F.L.M. van Haren, zijnde een kantoorgenoot van de advocaat van verzoeker;
- de bijzondere curator;
- mr. C.M. Meijer namens de IND.
Verzoek
Feiten
- De minderjarige is geboren uit mevrouw [de moeder] (hierna: de moeder) op [geboortedatum] te [geboorteplaats] .
- Verzoeker heeft de minderjarige op 5 maart 2001 erkend ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand van [geboorteplaats] .
- De moeder was ten tijde van de geboorte van de minderjarige Brits burger. Zij heeft de Nederlandse nationaliteit verkregen op 31 maart 2005. In het Koninklijk Besluit tot naturalisatie zijn geen minderjarige kinderen vermeld die gelijktijdig met haar zijn meegenaturaliseerd.
- De moeder is overleden op [datum] te [plaats] (Bangladesh).
- Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit sinds 29 maart 1994.
- Bij beschikking van deze rechtbank d.d. 5 augustus 2016 is mr. Brech voornoemd benoemd tot bijzondere curator teneinde de minderjarige ingevolge artikel 1:212 BW Pro te vertegenwoordigen.
Beoordeling
- het kind een nauwe band met Nederland heeft, met name omdat een van de personen die de ouderlijke verantwoordelijkheid dragen, zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft of omdat het kind onderdaan van Nederland is; en
- de bevoegdheid van de Nederlandse rechter op het tijdstip van het verzoek uitdrukkelijk dan wel op enige andere ondubbelzinnige wijze is aanvaard door alle partijen bij de procedure en door het belang van het kind wordt gerechtvaardigd.