Uitspraak
Beschikking op het op 28 december 2015 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoeker]
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
Procedure
- het verzoekschrift;
- de brief met bijlagen d.d. 19 januari 2016 van de IND;
- de brief met bijlagen d.d. 6 juni 2016 van de zijde van verzoeker;
- de brief d.d. 9 juni 2016 van de officier van justitie;
- de brief met bijlagen d.d. 10 juni 2016 van de IND.
- de advocaat van verzoeker;
- mr. R.Y. Reckers namens de IND.
Verzoek
Feiten
- Verzoeker is geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Pakistan). Volgens het systeem ingevolge de Wet Basisregistratie Personen woont hij sinds 25 juli 2002 in Nederland.
- Bij Koninklijk Besluit van 30 december 2005 is verzoeker genaturaliseerd tot Nederlander.
- Verzoeker is op 19 juli 2001 te ’s-Gravenhage gehuwd met mevrouw [1e echtgenote] . Dit huwelijk is ontbonden op [datum] door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking van deze rechtbank d.d. [datum] in de registers van de burgerlijke stand.
- Verzoeker is op [datum] te [geboorteplaats] (Pakistan) naar Pakistaans recht gehuwd met mevrouw [2e echtgenote] (hierna: de moeder), welk huwelijk nog altijd voortduurt.
- Uit de moeder is op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Pakistan) de minderjarige [minderjarige] geboren.
- Naar Pakistaans recht is verzoeker de vader van [minderjarige] .
- De moeder heeft de Pakistaanse nationaliteit.
- Bij beschikking van deze rechtbank d.d. 12 februari 2015 is het verzoek, door de bijzondere curator namens [minderjarige] gedaan, om het vaderschap van verzoeker over [minderjarige] gerechtelijk vast te stellen afgewezen, kort gezegd omdat de familierechtelijke betrekking tussen verzoeker en [minderjarige] , zoals deze in de Pakistaanse geboorteakte van [minderjarige] is vastgelegd, in Nederland moet worden erkend.
- Op 4 juni 2015 heeft verzoeker bij de Nederlandse ambassade te Islamabad een Nederlands paspoort voor [minderjarige] aangevraagd. Bij beslissing van 16 juni 2015 van de Minister van Buitenlandse Zaken is deze aanvraag buiten behandeling gesteld.
- Tegen deze beslissing heeft verzoeker een bezwaarschrift ingediend. Bij beslissing op bezwaar d.d. 22 september 2015 is het bezwaar kennelijk ongegrond verklaard.
- Tegen de beslissing op bezwaar heeft verzoeker beroep ingesteld bij de bestuursrechter van deze rechtbank. Bij uitspraak d.d. 17 mei 2016 is – voor zover hier van belang –: