Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
mr. Th. van Innis, advocaat te Brussel, voor CLS door mr. J.M. van Hattum, advocaat te Amsterdam, en voor Van Haren door de procesadvocaat voornoemd en mr. E.T. Bergsma, advocaat te Eindhoven.
1.De procedure
- het tussenvonnis van 1 april 2015 (verder: het tussenvonnis) en de daarin genoemde stukken;
- het incidentele vonnis van 10 juni 2015 waarin het CLS is toegestaan zich (in reconventie) te voegen aan de zijde van Louboutin;
- de akten van partijen van 8 juli 2015;
- de akte van Van Haren van 5 augustus 2015, waarin zij zich uitlaat over het verzoek van Louboutin en CLS om tussentijds hoger beroep van het tussenvonnis open te stellen;
- de akte van Louboutin en CLS van 4 november 2015.
2.Het tussenvonnis
vormin de zin van artikel 2.1 lid 2 BVIE en artikel 3 lid Pro 1e onder iii van de Merkenrichtlijn beperkt is tot de driedimensionale eigenschappen van (delen van) de waar zoals de (in drie dimensies uit te drukken) contouren, afmetingen en volume daarvan, dan wel mede ziet op andere (niet-driedimensionale) eigenschappen van de waar.
3.De nadere standpunten van partijen
4.De verdere beoordeling in conventie en in reconventie
samenvallen met (een onderdeel) van de waar, zoals kleuren, valt de strekking geheel samen met die van de in het tussenvonnis geformuleerde vraag.