Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] ,
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
Procesverloop
Overwegingen
Ten aanzien van het besluit van 25 december 2015 tot toegangsweigering:
Het beroep van eiser wordt derhalve geacht mede te zijn gericht tegen het besluit van 25 december 2015 tot toegangsweigering op grond van de SGC.
Het betoog van verweerder slaagt niet.
Eiser voert aan dat hem ten onrechte de toegang is geweigerd omdat hij beschikte over voldoende middelen voor zijn doel, namelijk kort verblijf in Nederland en eveneens beschikte over een geldige hotelreservering. Dat eiser heeft verklaard dat deze hotelreservering van een hotel in Amsterdam was, terwijl het ging om een hotel in Badhoevedorp, kan hem niet worden verweten, omdat het hotel in de buurt van Amsterdam ligt en eiser niet had behoeven te weten dat Badhoevedorp niet onder Amsterdam valt.
Het beroep, voor zover gericht tegen de vrijheidsontnemende maatregel, is ongegrond.
Beslissing
- verklaart het beroep, voor zover gericht tegen het besluit van 25 december 2015 tot toegangsweigering, ongegrond;
- verklaart het beroep, voor zover gericht tegen het besluit van 26 december 2015 tot opschorting van de toegangsweigering, ongegrond;
- verklaart het beroep, voor zover gericht tegen het besluit van 26 december 2015 tot oplegging van de vrijheidsontnemende maatregel, ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.