ECLI:NL:RBDHA:2016:3724
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toepassing lijfsdwang wegens achterstallige kinderalimentatie
Partijen, ouders van twee minderjarige kinderen, zijn in geschil over de niet-betaalde kinderalimentatie. De man heeft een aanzienlijke achterstand opgebouwd van €13.604,36 tot 15 februari 2016. Eerder werd een verzoek tot lijfsdwang afgewezen, maar nu vordert de vrouw opnieuw toestemming om lijfsdwang toe te passen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de man niet vrijwillig betaalt en dat andere dwangmiddelen geen resultaat hebben opgeleverd. De man voert aan niet te kunnen betalen en wil een wijzigingsprocedure starten, maar dit verweer wordt verworpen omdat de draagkrachtberekening onbetwist en de man onvoldoende onderbouwt dat hij niet kan betalen.
De rechter oordeelt dat het belang van de vrouw en de kinderen de toepassing van lijfsdwang rechtvaardigt, gezien de omvang van de achterstand en het directe belang bij betaling. De vrouw krijgt toestemming om na veertien dagen de beschikking door middel van lijfsdwang ten uitvoer te leggen, met een maximale gijzeling van dertig dagen. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en partijen dragen ieder hun eigen kosten.
Uitkomst: De vrouw krijgt toestemming om lijfsdwang toe te passen tot maximaal dertig dagen om betaling van de achterstallige kinderalimentatie af te dwingen.