ECLI:NL:RBDHA:2016:5826
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek moratorium en schuldsaneringsregeling wegens niet-afgeronde stabilisatiefase
Verzoekster heeft bij de rechtbank Den Haag een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 287b van de Faillissementswet, het zogenaamde moratorium, en tevens een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Het doel was om verweerster, R.K. Woningstichting De Goede Woning, te verbieden de woning van verzoekster te ontruimen. De ontruiming stond gepland op 12 mei 2016, maar werd bij tussenvonnis van 10 mei 2016 verboden totdat op het verzoek zou worden beslist.
De rechtbank overwoog dat het moratorium bedoeld is als adempauze om het minnelijk traject voort te zetten en af te ronden. Dit traject moet direct aansluiten op een stabilisatiefase waarin de inkomsten en uitgaven van de schuldenaar in evenwicht worden gebracht en er rust wordt gecreëerd. Uit de stukken bleek dat het stabilisatietraject nog niet was afgerond; budgetbeheer was aangevraagd maar nog niet effectief, en de periode van correcte huurbetaling was te kort om stabiliteit aan te nemen.
Ook het buitengerechtelijke schuldregelingstraject was niet afgerond en verzoekster had geen reden gegeven waarom een aanvullende termijn zou moeten worden gegund. Daarom verklaarde de rechtbank verzoekster niet-ontvankelijk in beide verzoeken. De uitspraak werd gedaan door rechter G.H.M. Smelt op 24 mei 2016.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om moratorium en schuldsaneringsregeling wegens het ontbreken van een afgeronde stabilisatiefase en niet-afgerond buitengerechtelijk traject.