ECLI:NL:RBDHA:2016:6719
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing mvv-aanvraag nareis minderjarig kind zonder toestemmingsverklaring achterblijvende ouder
Eiseres, geboren in Libanon, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij haar moeder (referente) die in Nederland verblijft met een verblijfsvergunning asiel. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat geen toestemmingsverklaring van de achterblijvende biologische vader was overgelegd, noch aannemelijk was gemaakt dat deze niet kon worden verkregen.
Eiseres voerde aan dat de achterblijvende ouder geen gezag heeft en dat hij onvindbaar is, waarbij een tracingverzoek bij het Rode Kruis was gedaan. De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat de vader geen gezag heeft en dat het niet overleggen van een toestemmingsverklaring niet voldoende was onderbouwd met documenten of aanvullende gegevens.
Ook werd geoordeeld dat het ontbreken van een hoorzitting in bezwaar niet onrechtmatig was, omdat redelijkerwijs geen andersluidend standpunt te verwachten viel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege het ontbreken van een toestemmingsverklaring van de achterblijvende ouder.