ECLI:NL:RBDHA:2016:749
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking Ziektewet-uitkering wegens arbeidsgeschiktheid
Eiseres was werkzaam als klasse-assistent en meldde zich in juni 2012 ziek vanwege spanningsklachten. Na herstel werd haar een WW-uitkering toegekend. Zij meldde zich in februari 2014 en opnieuw in januari 2015 ziek vanuit de WW. Medische onderzoeken concludeerden dat zij vanaf haar ziekmelding in januari 2015 doorlopend arbeidsgeschikt was voor haar maatgevende arbeid.
Verweerder trok de Ziektewet-uitkering per 3 juni 2015 in, omdat de verzekeringsarts b&b oordeelde dat eiseres geen recht meer had op de uitkering. Eiseres voerde aan dat het onderzoek onzorgvuldig was en dat zij lichamelijk niet in staat was tot arbeid.
De rechtbank oordeelde dat de medische onderzoeken, waaronder die van de bedrijfsarts en de verzekeringsarts b&b, zorgvuldig waren uitgevoerd en dat zij beschikten over voldoende medische gegevens, waaronder die van de huisarts. Er was geen reden om het oordeel van de verzekeringsarts b&b te betwijfelen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de intrekking van de Ziektewet-uitkering.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de Ziektewet-uitkering is ongegrond verklaard omdat eiseres vanaf 3 juni 2015 arbeidsgeschikt is.