ECLI:NL:RBDHA:2016:7890
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling revisierente bij afkoop lijfrente volgens Wet inkomstenbelasting 2001
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de door verweerder opgelegde revisierente bij afkoop van een lijfrente in 2014. De revisierente is bedoeld om een timing-voordeel teniet te doen dat losstaat van het daadwerkelijk behaalde rendement. De rechtbank stelt vast dat verweerder de wettelijke bepalingen correct heeft toegepast.
Eiser betoogt dat de revisierente willekeurig en disproportioneel is, mede vanwege de vaste 20%-tarief en de tienjaarsgrens voor de tegenbewijsregeling. De rechtbank oordeelt dat deze regeling niet willekeurig is en het gelijkheidsbeginsel niet wordt geschonden, omdat geen ongelijke behandeling van gelijke gevallen is vastgesteld.
Voorts is het beroep op het Eerste Protocol van het EVRM verworpen, omdat de revisierente een legitiem doel nastreeft en er een evenwicht is tussen het algemeen belang en het belang van eiser. De motivering van de uitspraak op bezwaar is voldoende geacht. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisierente bij afkoop van de lijfrente wordt ongegrond verklaard.