ECLI:NL:RBDHA:2016:8228
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens niet aannemelijke verloving en gezinsband
Eiser, een Eritrese nationaliteit bezittende vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis asiel, aangevraagd door referente, zijn vermeende verloofde die een verblijfsvergunning asiel bezit.
De rechtbank overweegt dat eiser en referente niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij een verloving hebben en dat eiser feitelijk tot het gezin van referente heeft behoord. De verklaringen van referente waren tegenstrijdig en inconsistent, en er is geen bewijs van samenwoning of een andere gezinsband in het land van herkomst. Telefonisch contact na vertrek uit Eritrea is onvoldoende om aan de voorwaarden te voldoen.
Ook is het bezwaar dat verweerder ten onrechte geen hoorzitting heeft gehouden ongegrond, aangezien op voorhand redelijkerwijs geen twijfel bestond dat het bezwaar tot een ander besluit zou leiden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de verloving en feitelijke gezinsband niet aannemelijk zijn gemaakt.