ECLI:NL:RBDHA:2017:11031
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Afghaanse aanvrager wegens ongeloofwaardigheid bedreigingen en brandstichting
Eiser, een Afghaanse nationaliteit dragende asielzoeker, heeft meerdere asielaanvragen ingediend in Nederland en Duitsland. Na uitzetting uit Duitsland in 2014 en terugkeer naar Afghanistan, vroeg hij in 2016 opnieuw asiel aan in Nederland. Hij baseerde zijn aanvraag op bedreigingen door de Taliban tegen zijn gezin en een incident waarbij hij per ongeluk brand veroorzaakte in een moskee, wat leidde tot bedreigingen.
Verweerder wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van de verklaringen, behoudens zijn identiteit en nationaliteit. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende rekening had gehouden met eisers medische klachten tijdens het nader gehoor, waar eiser zelf ook mee instemde.
De rechtbank vond dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn vader militair was en dat het gezin doelwit was van de Taliban. Ook was het onlogisch dat eiser terugkeerde naar een regio waar hij gevaar liep. Ten aanzien van de brandstichting waren de verklaringen summier en tegenstrijdig, waardoor de bedreigingen niet geloofwaardig werden geacht.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht geen vervolgingsgrond zag en dat eiser niet in aanmerking kwam voor een verblijfsvergunning. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van de bedreigingen en brandstichting.