ECLI:NL:RBDHA:2017:11036
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens toepasselijkheid Dublinverordening en ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiseres, een Iraakse vrouw afkomstig uit Mosul, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel in Nederland. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Polen op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling, aangezien de Poolse ambassade haar een visum had verstrekt.
Eiseres voerde aan dat haar analfabetisme en afhankelijkheid van haar in Nederland verblijvende zuster een uitzondering rechtvaardigen op grond van artikel 16 en Pro 17 van de Dublinverordening. De rechtbank oordeelde echter dat haar analfabetisme geen zware handicap vormt en dat er geen sprake is van een afhankelijkheidsrelatie die een uitzondering rechtvaardigt.
Ook het beroep op artikel 17, dat een lidstaat de discretionaire bevoegdheid geeft om een asielaanvraag te behandelen, werd verworpen omdat de omstandigheden geen bijzondere omstandigheid van onevenredige hardheid opleveren.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter M.J.L. Holierhoek op 31 augustus 2017.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.