Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
kan toch een keer in de auto ofso dat je naast me zit en dat je jezelf aftrekt ofso”. [5] Daaruit volgt afdoende dat de verdachte openstond voor een fysieke ontmoeting voor seksueel contact op dezelfde plek als waar [slachtoffer 1] over heeft verklaard. Ook een chatgesprek met [naam] , welk gesprek door de verdachte is bevestigd, [6] ondersteunt de verklaring van [slachtoffer 1] dat er fysiek contact is geweest. De verdachte heeft namelijk in dat chatgesprek met [naam] onder meer gezegd: “
Maar [naam] doe5 wel meer dan andere ja”, “
Vriendschap geveb. Knuffel”, “
Maar het is heus niet zo dat [naam] en ik steeds voor geld” en “
Anders ga ik [naam] zoenen vanavond” en “
En knuffelen”. [7] Dat het contact tussen [slachtoffer 1] en de verdachte verder ging dan alleen vriendschap volgt ook uit chatgesprekken op 25 en 26 november 2016 tussen de verdachte en A. van der Wiel, waarin de verdachte heeft gezegd: “
[naam] en ik zijn uitgespeeld”, “
Ben toe aan een nieuwe liefde”, “
Ja maar [naam] was spielerei” en “
En geen[hart icoon]”. [8] De verklaring van [slachtoffer 1] dat hij aan het logeren was bij [naam] op de dag van de eerste ontmoeting vindt voorts steun in de verklaring van [naam] , die heeft verklaard dat [slachtoffer 1] een keer bij [naam] was en op enig moment ineens wegging en wegreed. [9] Tot slot heeft ook de verdachte bevestigd dat er daadwerkelijk ontmoetingen zijn geweest in de auto en dat nadat [slachtoffer 1] instapte zij wegreden, omdat [slachtoffer 1] zich opgelaten zou voelen jegens derden omdat hij met [slachtoffer 1] afsprak in een auto. [10]
door meermalen, althans eenmaal, (een) contant(e) geldbedrag(en) te geven”. Naar het oordeel van de rechtbank beperkt die concretisering zich louter tot de in de tenlastelegging opgenomen
“giften of beloften van geld of goed”. Bij die concretisering zou een bewezenverklaring van “misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht” naar het oordeel van de rechtbank leiden tot grondslagverlating.
opzettelijkin zijn bezit heeft gehad, zoals in het begrip ‘bezit’ als bedoeld in artikel 240b lid 1 Sr besloten ligt. Ten aanzien van deze vraag wordt het volgende overwogen.
- de verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 11 september 2017;
- het proces-verbaal verhoor verdachte, p. 744 t/m 758;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 193 t/m 200 en bijlagen p. 201 t/m 206;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 235 t/m 243;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 214 t/m 224;
- het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , p. 244 t/m 252.
- de verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 11 september 2017;
- het proces-verbaal verhoor verdachte, p. 744 t/m 758;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 477 t/m 480 en bijlagen p. 483 t/m 739;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 464 t/m 467;
- het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige en slachtoffer 3] , p. 470 t/m 475.
toten
bij die [slachtoffer 2]aangedrongen
ophet maken van foto's en films waarbij hij met zichzelf seksuele handelingen verricht (waaronder het zich geheel of gedeeltelijk ontkleden en het tonen van zijn ontblote penis en het zichzelf aftrekken) en
s,
toten
bij die [slachtoffer 2]aangedrongen
ophet maken van foto's en films waarbij hij met zichzelf seksuele handelingen verricht (waaronder het zich geheel of gedeeltelijk ontkleden en het tonen van zijn ontblote penis en het zichzelf aftrekken) en
toten
bij die [getuige en slachtoffer 3]aangedrongen
ophet maken van foto's en/of films waarbij hij met zichzelf seksuele handelingen verricht, waaronder het zich geheel of gedeeltelijk ontkleden en het tonen van zijn ontblote penis en het afbinden van zijn penis en het (vervolgens) zichzelf aftrekken en het brengen van een of meerdere vinger(s) in zijn anus) en
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
8.De inbeslaggenomen goederen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
6 (zes) maanden, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarden dat de veroordeelde:
geen contact legt of laat leggen – direct of indirect – met [slachtoffer 1]( [geboortedatum slachtoffer] )
, [slachtoffer 2](geboren [geboortedatum slachtoffer] )
en [getuige en slachtoffer 3](geboren [geboortedatum slachtoffer] ), zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
meldt bij de ReclasseringNederland (Bezuidenhoutseweg 179 te Den Haag) en zich daarna gedurende de proeftijd op door de reclassering te bepalen tijdstippen blijft melden bij deze instelling, zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;
onder behandeling stelt van de Waagof een soortgelijke ambulante forensische zorginstelling, op de tijden en plaatsen als door of namens die zorginstelling aan te geven, teneinde zich ambulant te laten behandelen voor mogelijke seksuele problematiek;
onthoudt van gedragingen die zijn gericht op een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen;
zicht verschaft op de voortgang van zijn behandeling en begeleiding, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
toestemming verleent om relevante referenten te raadplegen en contact te onderhouden met personen en instanties die deel uitmaken van zijn netwerk, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
geen (vrijwilligers)werk verricht waarbij minderjarigen betrokken zijn, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
€ 1.551,95, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 30 november 2016tot aan de dag van de algehele voldoening;
voor het overige deel niet-ontvankelijkin de vordering en bepaalt dat hij dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
€ 804,08, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 27 oktober 2016tot aan de dag van de algehele voldoening;
€ 906,-, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 19 december 2016tot aan de dag van de algehele voldoening;