Uitspraak
1.Verloop van de procedure
2.De beoordeling
16 mei 2017 plaatsgevonden. De door de rechtbank benoemde bewindvoerder is daarvoor niet door het hof uitgenodigd.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot vaststelling van het salaris van een schuldsaneringsbewindvoerder na vernietiging van het toelatingsvonnis door het gerechtshof Den Haag. De rechtbank had op 2 maart 2017 het verzoek ex artikel 287a Faillissementswet afgewezen en de schuldsaneringsregeling uitgesproken, waarbij een bewindvoerder was benoemd.
Het gerechtshof vernietigde op 23 mei 2017 dit vonnis en wees de schuldsaneringsregeling alsnog toe, waarbij het hof geen rekening hield met het salaris van de bewindvoerder over de periode van haar benoeming tot het moment van vernietiging. De bewindvoerder verzocht vervolgens de rechtbank om haar salaris alsnog vast te stellen.
De rechtbank oordeelde dat de bewindvoerder vanaf haar benoeming werkzaamheden had verricht en dat het hof haar niet in de gelegenheid had gesteld een salarisverzoek in te dienen. Gezien de werkzaamheden en de gebruikelijke vergoedingen stelde de rechtbank het salaris vast op € 263,66, inclusief omzetbelasting. Hierbij werd rekening gehouden met een terughoudende houding van de bewindvoerder tijdens het hoger beroep.
Uitkomst: De rechtbank stelt het salaris van de schuldsaneringsbewindvoerder vast op € 263,66 inclusief omzetbelasting.