ECLI:NL:RBDHA:2017:12106
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige kinderen in pleegzorg na crisisopvang
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen, geboren in 2012 en 2015, in een voorziening voor pleegzorg. Eerder was een ondertoezichtstelling en crisispleegzorg toegekend. De Raad stelde dat de situatie onvoldoende verbeterd was, met onvoldoende zicht op opvoedvaardigheden en leerbaarheid van de ouders, mede door taalbarrières en moeizame omgang.
De gecertificeerde instelling ondersteunde het verzoek en gaf aan dat het traject 'voorkomen uithuisplaatsing' nog niet was gestart vanwege wachtlijsten. Ouders betoogden dat zij vrijwillig meewerken aan hulpverlening en dat de kinderen niet de dupe mogen zijn van lange wachtlijsten. Zij wilden de kinderen terug, maar erkenning en duidelijkheid over verwachtingen ontbraken.
De kinderrechter oordeelde dat de gronden voor uithuisplaatsing nog aanwezig zijn, gezien ontwikkelingsachterstanden en gedragsproblemen bij de kinderen en het onvermogen van ouders om basale zorg en veiligheid te bieden. De zorgen zijn niet afgenomen, ondanks uitgebreide bezoeken. De beschikking machtigt de uithuisplaatsing voor de duur van de ondertoezichtstelling van 23 oktober 2017 tot 23 maart 2018 en is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De kinderrechter machtigt de uithuisplaatsing van de minderjarige kinderen in een pleegzorgvoorziening voor de duur van de ondertoezichtstelling.