Uitspraak
geboren op [geboortedatum] 1981 te [geboorteplaats] (Suriname),
wonende [adres, postcode en woonplaats].
[Schuldenares] zal hierna worden aangeduid als ‘schuldenares’.
1.Verloop van de procedure
- de bewindvoerder.
Rechtbank Den Haag
Schuldenares is in 2016 toegelaten tot de schuldsaneringsregeling met een bewindvoerder en rechter-commissaris benoemd. De rechter-commissaris verzocht voortijdige beëindiging op grond van artikel 350 Faillissementswet Pro vanwege een tekortkoming in de sollicitatieverplichting van circa 17 maanden en het niet melden van diverse schulden bij toelating.
Schuldenares werkte parttime en moest aanvullend solliciteren, maar overlegde slechts zeven sollicitatiebewijzen. Zij kon haar onvoldoende sollicitatie niet overtuigend verklaren. Tevens bleek dat zij een hogere schuldenlast had dan bij toelating opgegeven, waaronder niet gemelde terugvorderingen van het UWV en de Belastingdienst.
Schuldenares stelde arbeidsongeschikt te zijn en verzocht om verlenging van de regeling, maar kon dit niet met medische stukken onderbouwen. De rechtbank oordeelde dat zij toerekenbaar tekort was geschoten in haar verplichtingen en dat de regeling daarom moest worden beëindigd.
De rechtbank stelde het salaris van de bewindvoerder vast en gaf opdracht tot verdeling van het resterende actief onder de crediteuren. Tegen dit vonnis kan hoger beroep worden ingesteld.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende sollicitatie-inspanningen en niet gemelde schulden.