ECLI:NL:RBDHA:2017:12455
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wijziging verblijfsvergunning en intrekking wegens ontwrichte partnerrelatie
Eiseres, een Ghanees staatsburger, vroeg wijziging van haar verblijfsvergunning regulier onder de beperking 'verblijf bij partner' naar 'niet-tijdelijke humanitaire gronden'. Verweerder wees dit af en trok haar vergunning in omdat de relatie met haar partner op 17 oktober 2014 was ontwricht.
Eiseres voerde aan dat de relatie door huiselijk geweld was beëindigd en dat zij niet aan de vijfjaarstermijn kon voldoen. Zij stelde ook dat haar dochter medische zorg in Nederland nodig heeft en dat terugkeer in strijd is met artikel 8 EVRM Pro. De rechtbank oordeelde dat huiselijk geweld niet objectief was aangetoond en dat de medische omstandigheden van de dochter geen objectieve belemmering vormden voor verblijf in Ghana.
De rechtbank vond dat verweerder terecht had geconcludeerd dat eiseres niet meer voldeed aan de verblijfsbeperking en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die verblijf in Nederland rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag tot wijziging van haar verblijfsvergunning en de intrekking daarvan is ongegrond verklaard.